Onder slagwerk verstaan we alle instrumenten die je met een slagtechniek bespeelt. Dat kan met je handen of met verschillende soorten stokken zijn.

Bij slagwerk denk je misschien alleen aan een drumstel, maar er is veel meer. De slagwerkfamilie is de grootste instrumentenfamilie die er bestaat. Je hebt dus keuze uit allerlei verschillende slaginstrumenten. Neem bijvoorbeeld de grote groep trommels, zoals de grote en kleine trom, de djembé, de bongo en de pauken. Het slagwerk speelt een belangrijke rol in (symfonie)orkesten.

Naast trommels bestaan er ook mallet-instrumenten, ook wel melodisch slagwerk genoemd. Deze instrumenten bespeel je met stokken met een houten, rotan of plastic steel en een harde kunststof of houten bol aan het uiteinde. Onder de mallet-instrumenten vallen de xylofoon, de marimba, de vibrafoon en het klokkenspel. Als laatste bestaat er ook nog een groep kleine slaginstrumenten, die je in de hand kunt houden. Dit zijn onder andere de tamboerijn, de triangel, de koebel, de claves en de maracas.

OEFENEN

Oefening baart kunst. Dat is ook zo bij het leren spelen van een instrument. Wij raden aan om iedere dag zo’n 20 minuten te oefenen. Doe dat liefst op een vast tijdstip, zodat het tot de dagelijkse routine gaat horen. Je zult zien dat je sneller vooruit gaat en dat de muzieklessen daardoor veel leuker zijn.

SPELEN IN EEN ORKEST

Naast de lessen spelen leerlingen mee in één van onze orkesten. Al snel gaan ze meespelen in het beginnersorkest en na het behalen van het A-diploma stromen ze door naar het leerlingenorkest.


NIEUWSGIERIG GEWORDEN?

Word lid bij Ons Genoegen of neem contact met ons op.